100% onafhankelijk: wij vergelijken, jij bespaart
Onafhankelijk prijzen vergelijkenPrijzen incl. btw, dagelijks gecontroleerdbol.com, Coolblue, Amazon & meer100% gratis, geen account nodig

Box 3 belasting berekenen

Bereken je vermogensrendementsheffing in box 3 voor belastingjaar 2026 (of 2025), inclusief banktegoeden, beleggingen en schulden.

Box 3 belasting€ 931,08
Rendementsgrondslag€ 150.000,00
Heffingvrij vermogen (alleenstaand)€ 59.357,00
Belastbaar vermogen€ 90.643,00
Forfaitair rendement€ 4.280,00
Belastbaar inkomen (sparen en beleggen)€ 2.586,35
Tarief box 3 (2026)36 %

Forfaitair overbruggingsstelsel 2026 (bank 1,28%, overig 6%, schuld 2,7%). Peildatum 1 januari. Vanaf 2027 (op zijn vroegst) schakelt box 3 over op belasting over het werkelijke rendement (Wet werkelijk rendement box 3) — deze forfaitaire berekening geldt dan niet meer. Indicatief; met de tegenbewijsregeling kun je een lager werkelijk rendement opgeven.

Deze calculator gebruikt het forfaitaire overbruggingsstelsel en de officieel vastgestelde percentages van de Belastingdienst. Voor 2025 zijn alle percentages definitief; voor 2026 is het overige-bezittingen-percentage definitief (6,00%) maar zijn banktegoeden (1,28%) en schulden (2,70%) voorlopig — definitief begin 2027. Let op: vanaf 2027 (op zijn vroegst) schakelt box 3 over op belasting over het werkelijke rendement (Wet werkelijk rendement box 3); deze forfaitaire berekening geldt dan niet meer. Voor je officiële aangifte gebruik je MijnBelastingdienst of een belastingadviseur.

Schema box 3: drie vermogenscategorieën naar 36 procent belastingvermogen op 1 januarispaargeld× 1,28%beleggingen× 6,00%schulden− 2,70%forfaitairrendement× 36%belastingtarieven 2026 · spaargeld en schulden voorlopig vastgesteld
Box 3 in 2026: forfaitair rendement over spaargeld (1,28%), beleggingen (6,00%) en schulden (−2,70%), belast tegen 36%.

Box 3 is de belasting op vermogen — sparen, beleggingen, een tweede huis. In Nederland werkt dit (tot de invoering van de Wet werkelijk rendement, op zijn vroegst 2027/2028) volgens een 'forfaitair' systeem: de Belastingdienst neemt aan dat je een bepaald rendement haalt op je vermogen, en heft daar belasting over. Hoe hoog dat fictieve rendement is, hangt af van het type vermogen: voor banktegoeden geldt een laag percentage (gebaseerd op gemiddelde spaarrentes), voor beleggingen en vastgoed een hoog percentage. Met deze calculator zie je in seconden hoeveel je verschuldigd bent voor de aangifte over 2026, of ter vergelijking over 2025.

Wat is box 3 precies?

Het Nederlandse belastingstelsel kent drie 'boxen'. Box 1 is voor inkomen uit werk en eigen woning, box 2 voor aanmerkelijk belang in een eigen bv, en box 3 voor inkomen uit sparen en beleggen. Alles wat je op 1 januari hebt aan banktegoeden, beleggingen, vakantiehuisjes, cryptovaluta, en uitgeleend geld telt mee voor box 3 — minus je schulden (excl. de hypotheek op je eigen woning, want die zit in box 1).

Het bijzondere aan box 3 is dat je niet wordt belast op je werkelijke rendement, maar op een 'forfaitair' (fictief) rendement. Dat zorgde jarenlang voor pijn bij spaarders die nauwelijks rente kregen maar toch belasting moesten betalen alsof hun spaargeld jaarlijks 4% opbracht. De Hoge Raad oordeelde in 2021, 2024 en 2025 dat dit in strijd was met het Europese eigendomsrecht — sindsdien geldt een tijdelijk overbruggingsstelsel én kun je via de tegenbewijsregeling je werkelijk rendement opgeven.

Forfaitaire rendementen en heffingvrij vermogen 2026

Voor de aangifte over belastingjaar 2026 gelden de volgende percentages (ter vergelijking staan de definitieve 2025-cijfers ernaast):

Categorie2026 (stand nu)2025 (definitief)
Banktegoeden (sparen, betaalrekening, contant)1,28 % (voorlopig)1,37 %
Overige bezittingen (beleggingen, vastgoed, crypto)6,00 % (definitief)5,88 %
Schulden2,70 % (voorlopig)2,70 %
Tarief box 336 %36 %
Heffingvrij vermogen alleenstaand€ 59.357€ 57.684
Heffingvrij vermogen fiscaal partners samen€ 118.714€ 115.368
Drempel schulden alleenstaand€ 3.800€ 3.800
Drempel schulden partners€ 7.600€ 7.600

Hoe wordt box 3 stap voor stap berekend?

Box 3 is geen simpel percentage over je vermogen. Het systeem werkt in zes stappen (voorbeeld met de 2026-percentages):

  1. Bepaal je grondslag per categorie op 1 januari: banktegoeden, overige bezittingen, schulden.
  2. Trek de schuldendrempel af (€ 3.800 alleenstaand / € 7.600 partners) — het deel boven de drempel telt mee.
  3. Bereken het forfaitaire rendement per categorie (2026): bank × 1,28%, overig × 6,00%, schuld × 2,70%.
  4. Tel ze op: rendement bank + rendement overig − rendement schuld = totaal forfaitair rendement.
  5. Bereken de rendementsgrondslag: bezittingen − schulden boven drempel. Trek dan het heffingvrij vermogen af om het 'belastbaar vermogen' te krijgen.
  6. Bereken het belastbaar inkomen: belastbaar vermogen × (totaal forfait / rendementsgrondslag). Vermenigvuldig met 36% — dat is je box 3 belasting.

Praktijkvoorbeeld: € 100k spaar + € 50k beleggingen

Stel: je bent alleenstaand, hebt op 1 januari 2025 € 100.000 op een spaarrekening en € 50.000 in indexfondsen, en geen schulden. De berekening voor de aangifte 2025:

StapBerekeningBedrag
Grondslag bank€ 100.000€ 100.000
Grondslag overig€ 50.000€ 50.000
Rendementsgrondslag totaal100.000 + 50.000€ 150.000
Heffingvrij vermogenalleenstaand 2025− € 57.684
Grondslag sparen en beleggen150.000 − 57.684€ 92.316
Forfait bank100.000 × 1,37%€ 1.370
Forfait overig50.000 × 5,88%€ 2.940
Belastbaar rendement1.370 + 2.940€ 4.310
Aandeel92.316 / 150.00061,544 %
Voordeel sparen en beleggen4.310 × 61,544%€ 2.652,55
Box 3 belasting2.652,55 × 36%≈ € 955

De tegenbewijsregeling: betaal over je werkelijke rendement

Sinds de Hoge Raad-arresten van juni 2024 en de Wet tegenbewijsregeling box 3 mag je laten zien dat je werkelijk rendement lager was dan het forfait. Als dat zo is, betaal je over je werkelijke rendement in plaats van over het forfaitaire. Vooral voor spaarders die minder dan het bank-forfait kregen, of beleggers die een verliesjaar hadden, kan dit honderden tot duizenden euro's schelen.

Voor de oude jaren (2017–2024) gebruik je het aparte formulier 'Opgaaf Werkelijk Rendement' (OWR) dat sinds juli 2025 beschikbaar is in MijnBelastingdienst. Per december 2025 waren er al ruim 476.000 OWR-formulieren ingediend. Voor belastingjaar 2025 en later geldt iets anders: er is géén apart OWR-formulier meer — het werkelijk rendement geef je rechtstreeks in je aangifte inkomstenbelasting op.

Wat telt mee als 'werkelijk rendement'? Volgens de uitleg van de Belastingdienst en de arresten van de Hoge Raad: rente, dividend, huur, pacht én ongerealiseerde waardestijgingen of -dalingen van beleggingen en vastgoed (vermogensaanwas-benadering). Dat laatste is belangrijk: als je aandelen met 15% zijn gestegen, telt dat ook als rendement, ook al heb je niets verkocht. Andersom geldt het ook bij dalingen. Kostenaftrek is niet toegestaan, behalve voor onroerende zaken.

Tegenbewijs is alleen voordelig als je werkelijk rendement écht lager is. Bij twijfel: bereken eerst de forfaitaire belasting met deze tool, vergelijk met je werkelijk rendement, en kies wat het laagste uitkomt.

Wat tellen schulden in box 3 mee?

Niet álle schulden tellen mee in box 3. De hypotheek op je eigen woning zit in box 1 (en levert eigenwoningforfait + renteaftrek op), niet hier. Wat wél meetelt:

  • Persoonlijke leningen, doorlopend krediet, creditcardschuld
  • Studieleningen bij DUO
  • Schulden aan familie of vrienden
  • Hypotheek op een tweede huis of beleggingspand
  • Belastingschulden ouder dan een jaar

Wanneer komt het nieuwe stelsel?

Vanaf 2027 (op zijn vroegst) stapt box 3 over op belasting over het werkelijke rendement: de Wet werkelijk rendement box 3. De wetgeving is meermaals uitgesteld — van 2025 naar 2027/2028 — dus houd de definitieve invoerdatum en de laatste stand via de Belastingdienst en Rijksoverheid in de gaten. Tot die invoering blijft het huidige overbruggingsstelsel van kracht, met de tegenbewijsregeling als vangnet voor mensen met een laag werkelijk rendement.

In het nieuwe stelsel betaal je belasting over je werkelijke rendement: vermogensaanwasbelasting (jaarlijks belasting over waardestijgingen) voor financiële vermogensbestanddelen, en vermogenswinstbelasting (bij realisatie) voor onroerende zaken en startups.

Voor 2026 is het percentage voor overige bezittingen al definitief vastgesteld op 6,00% (tegen 5,88% in 2025). Het banktegoeden-percentage 2026 staat voorlopig op 1,28% en wordt pas begin 2027 definitief, op basis van de gemiddelde spaarrente over heel 2026. Het heffingvrij vermogen stijgt in 2026 wel mee: van € 57.684 naar € 59.357 per persoon.

Belangrijke data voor je box 3 aangifte

De aangifte inkomstenbelasting moet vóór 1 mei van het jaar na het belastingjaar worden ingediend. Een paar tips om je voor te bereiden:

  • Peildatum: 1 januari van het belastingjaar. Wat je op 1 januari had, telt — niet wat je later in het jaar bijkocht of opnam.
  • Spaarsaldi: je krijgt automatisch een jaaropgave van je banken (IB60-formulier). Deze worden meestal vóór 1 maart toegestuurd en zijn al vooraf ingevuld in MijnBelastingdienst.
  • Beleggingen: brokers zoals DEGIRO, Binck en Saxo sturen ook een jaaropgave met de waarde op 1 januari.
  • Crypto: je moet zelf de waarde op 1 januari (in euro's) opgeven. Veel exchanges hebben hier een download-functie voor.
  • Tweede woning: gebruik de WOZ-waarde met peildatum 1 januari van het voorgaande jaar voor de aangifte.
  • Uitstel aanvragen: vóór 1 mei kun je gratis uitstel aanvragen — handig als je nog gegevens moet verzamelen.

Formule

Box 3 berekening (overbruggingsstelsel, 2026-percentages): rendementBank = banktegoeden × 1,28% rendementOverig = overigeBezittingen × 6,00% rendementSchuld = max(0, schulden − drempel) × 2,70% belastbaarRendement = rendementBank + rendementOverig − rendementSchuld rendementsgrondslag = banktegoeden + overigeBezittingen − max(0, schulden − drempel) grondslagSparenBeleggen = max(0, rendementsgrondslag − heffingvrij) aandeel = grondslagSparenBeleggen / rendementsgrondslag voordeelSparenBeleggen = belastbaarRendement × aandeel belasting = voordeelSparenBeleggen × 36%Drempels en vrijstelling 2026 / 2025: heffingvrij alleenstaand : € 59.357 / € 57.684 heffingvrij partners : € 118.714 / € 115.368 drempel schuld alleenstaand: € 3.800 / € 3.800 drempel schuld partners : € 7.600 / € 7.600

Voorbeelden

  • € 100.000 spaar + € 50.000 beleggingen, alleenstaand 2026≈ € 931 box 3 belasting
  • € 100.000 spaar + € 50.000 beleggingen, alleenstaand 2025≈ € 955 box 3 belasting
  • € 50.000 spaar, alleenstaand 2025€ 0 (onder heffingvrij vermogen)
  • € 200.000 spaar, fiscaal partners 2025≈ € 417 box 3 belasting
  • € 80.000 beleggingen, alleenstaand 2025≈ € 472 box 3 belasting
  • € 300.000 spaar + € 100.000 beleggingen, partners 2025≈ € 2.559 box 3 belasting

Veelgestelde vragen

Wat is box 3?
Box 3 is de Nederlandse belasting op je vermogen — sparen, beleggingen, vakantiehuisjes, crypto en andere bezittingen. Je betaalt geen belasting over je werkelijke rendement, maar over een 'forfaitair' (fictief) rendement dat per vermogenscategorie is vastgesteld. Het bedrag wordt jaarlijks via de aangifte inkomstenbelasting bepaald.
Hoeveel vermogen mag ik belastingvrij hebben in 2025 en 2026?
Het heffingvrij vermogen is € 57.684 per persoon in 2025 en stijgt in 2026 naar € 59.357. Voor fiscaal partners samen is dat respectievelijk € 115.368 en € 118.714. Heb je minder dan dit bedrag aan vermogen op 1 januari, dan betaal je geen box 3 belasting.
Wat zijn de forfaitaire rendementen 2025 en 2026?
Voor belastingjaar 2025 (definitief vastgesteld door de Belastingdienst): banktegoeden 1,37%, overige bezittingen 5,88%, schulden 2,70%. Voor 2026: overige bezittingen 6,00% (definitief), banktegoeden 1,28% en schulden 2,70% (beide voorlopig — definitief begin 2027 op basis van de gemiddelde spaarrente over 2026).
Wat is het tarief in box 3?
Het tarief is 36% in 2025 en 2026, geheven over je belastbaar inkomen uit sparen en beleggen (niet over je vermogen zelf). Dat klinkt hoog, maar omdat je over een laag forfaitair rendement betaalt — niet over je vermogen rechtstreeks — komt het effectieve tarief op je belastbaar vermogen meestal neer op 0,5% tot 2%.
Wat is de tegenbewijsregeling box 3?
Sinds de Hoge Raad-arresten van juni 2024 en de Wet tegenbewijsregeling box 3 kun je je werkelijke rendement opgeven als dat lager is dan het forfait. Je betaalt dan over het werkelijk rendement. Werkelijk rendement omvat rente, dividend, huur, pacht én ongerealiseerde waardestijgingen of -dalingen van beleggingen. Voor oude jaren (2017–2024) gebruik je het aparte Opgaaf Werkelijk Rendement (OWR) formulier in MijnBelastingdienst; voor belastingjaar 2025 en later geef je het rechtstreeks in je aangifte op. Voor spaarders met een laag rendement of beleggers met een verliesjaar kan dit honderden tot duizenden euro's schelen.
Wanneer moet ik aangifte doen?
De aangifte inkomstenbelasting moet vóór 1 mei van het jaar na het belastingjaar binnen zijn bij de Belastingdienst. Je kunt vóór 1 mei gratis uitstel aanvragen. Doe je geen aangifte en ben je daartoe wel uitgenodigd, dan riskeer je een boete.
Wat is de peildatum voor box 3?
1 januari van het belastingjaar. Voor de aangifte over 2026 telt dus wat je op 1 januari 2026 in bezit had. Aankopen later in het jaar (zoals een crypto-aankoop in juni) tellen niet mee voor dat jaar — die zitten pas in de aangifte van het jaar erop, want dan is de peildatum 1 januari verschoven.
Telt mijn eigen woning mee in box 3?
Nee. Je eigen woning en de bijbehorende hypotheek vallen in box 1, niet box 3. Daar geldt het eigenwoningforfait (een fictief inkomen) plus renteaftrek. Een tweede woning of vakantiehuis valt wél in box 3, evenals een hypotheek daarop (de hypotheek wordt dan als schuld in box 3 meegenomen).
Hoe zit het met crypto in box 3?
Cryptovaluta worden behandeld als 'overige bezittingen' en vallen daarmee onder het hoge forfait (6,00% in 2026). Je geeft de waarde in euro's op 1 januari op. De meeste exchanges hebben een functie om je portfolio-waarde op een specifieke datum te exporteren. Vergeet ook je hardware wallets en DeFi-posities niet.
Tellen schulden mee in box 3?
Ja, met een drempel: alleen schulden boven € 3.800 (alleenstaand) of € 7.600 (partners) tellen mee. Persoonlijke leningen, creditcardschulden, studieschulden bij DUO en schulden aan familie horen erbij. De hypotheek op je eigen woning niet — die zit in box 1.
Wanneer komt het nieuwe stelsel met werkelijk rendement?
Vanaf 2027 (op zijn vroegst) stapt box 3 over op belasting over het werkelijke rendement (Wet werkelijk rendement box 3). De invoering is meermaals uitgesteld, dus controleer de definitieve datum bij de Belastingdienst en Rijksoverheid. Tot die invoering blijft het overbruggingsstelsel van kracht en is de tegenbewijsregeling de manier om te corrigeren als je werkelijke rendement lager is dan het forfait.
Kan ik box 3 belasting verlagen?
Een paar legale manieren: verspreid vermogen over fiscaal partners (dubbele heffingvrije voet), zet vermogen rond peildatum tijdelijk om in een eigen woning (verbouwing, aflossing hypotheek), schenk aan kinderen binnen de jaarlijkse vrijstelling, of gebruik de tegenbewijsregeling als je werkelijk rendement lager was. Belangrijk: 'peildatum-arbitrage' (vermogen tijdelijk verschuiven rond 1 januari) wordt door de Belastingdienst kritisch bekeken bij periodes korter dan 3 maanden.

Gerelateerde tools

Bronnen

Laatst bijgewerkt: 11 april 2026

Prijsdalingen die we volgen

Prijzen dagelijks ververst · Alle aanbiedingen →